2002 Bach

Matthäus Passion

Johann Sebastian Bach

zondag 24 maart 2002

Inleiding

Het is Palmzondag en dus tijd voor de Matthäus Passion van J.S. Bach.
Prachtige muziek, die nu al 273 jaar bestaat en nooit haar zeggingskracht is kwijtgeraakt.
Een eeuwenoud verhaal over grenzeloze liefde en zelfopoffering, dat voor ieder van ons zijn eigen betekenis heeft.

Iedere tijd heeft zijn eigen kijk op dit stuk gehad en de muzikale interpretaties zijn door de jaren steeds veranderd. Maar ook ieders persoonlijke beleving van deze muziek ontwikkelt zich in de loop van de tijd. Sommigen van ons hebben de Matthäus Passion al herhaalde malen gezongen, anderen zingen voor deze ene keer met ons mee. En toch zijn er voor ieder van ons steeds weer nieuwe ontdekkingen.
Frank Deiman geeft de leden van het koor daarin een stimulerend voorbeeld. Hij laat ons zien hoe je telkens opnieuw kunt luisteren en begrijpen. Het heeft de repetities gemaakt tot inspirerende avonden, waarvan we tevreden thuiskwamen.

We hopen dat u op deze zondagmiddag zult genieten van onze uitvoering.

Ingrid van Bergenhenegouwen
voorzitter


Componist

Johann Sebastian Bach


Uitvoerenden

Alex Vermeulen - Evangelist, tenor

Frans Kokkelmans - Christus, bas bariton

Clara de Vries, sopraan

Margareth Beunders, alt

Robert Luts, tenor

Hans de Vries, bas

Ensemble Conservatoire Zwolle

Rob Engels, concertmeester

Berry van Berkum, orgel

Kinderkoor Multiple Voices Enschede

Frank Deiman, dirigent


Recensies en Brieven

Evenwichtige Matthäus Passion

Matthäus Passion

Uitvoering van de Matthäus Passion van Johann Sebastian Bach (1685-1750) door Toonkunstkoor "Euterpe" uit Deventer o.l.v. Frank Deiman en het Ensemble Conservatoire Zwolle o.l.v. Rob Engels, Berry van Berkum (orgel). Alex Vermeulen (tenor-evangelist), Frans Kokkelmans (bas-Christus), Clara de Vries (sopraan), Margareth Beunders (alt), Robert Luts (tenor) en Hans de Vries (bas). Medewerking van Kinderkoor Multiple Voices van de Enschedese Muziekschool. Gehoord: 24/3 Grote of Lebuïnuskerk.

In Nederland is de Matthäus Passion een must en een ware cultus is om dit monumentale werk heen ontstaan. In Europa en notabene in Duitsland is dit werk helemaal niet zo bekend. Bij ons heeft tegenwoordig iedere stad wel zijn eigen Matthäus Passion. Het niveau is gelukkig mede door de Oude Muziek beweging in de loop van de jaren gegroeid en de dirigenten van al die oratoriumkoren hebben meer inzicht verworven in de historische uitvoeringspraktijk van deze Barokmuziek.

In de kerkdienst van Goede Vrijdag 11 april 1729 werd in de Thomaskirche te Leipzig de Matthäus Passion voor het eerst uitgevoerd o.l.v. Johann Sebastian Bach. Toen werkte Bach met een jongenskoor en een kleine groep van instrumentalisten. Dit stond in schril contrast met de grote gemengde koorbezetting van het Deventer Toonkunstkoor "Euterpe".

Bach heeft in de Matthäus Passion duidelijk een dialoog tussen de uitvoerenden en de gemeente bedoeld. Uitgangspunt was het evangelie van Matthäus, hoodstuk 26 en 27. Zo wordt in de partituur niet gesproken over solisten, orkest of koor maar over Choro I en Choro II. De koralen werden door de gelovigen luid meegezongen en alles stond in een kerkelijke liturgische context. Iedere vorm van concertgedachte was vreemd. Veel mensen in onze tijd schijnen hier geen weet van te hebben.

De uitvoering van Euterpe kan evenwichtig genoemd worden. De koorklank is okee en de balans tussen de onderlinge stemmen is redelijk. Jammer dat de podiumopbouw en de opstelling van koor en orkest niet optimaal bleek. Zo stonden er minstens zes rijen zangeressen achter elkaar op dezelfde hoogte en dat heeft

natuurlijk een groot negatief effekt op de klakuitstraling. Het geluid bleef hierdoor te veel in de nek van de voorbuurvouw hangen en van een transparante klank zoals in al Barokmuziek gewenst is was geen sprake. Alleen de heren waren op de achterste drie rijen goed neergezet en zichtbaar.
Het orkest versterkt door microfoons deed goed werk. De solisten waren allen prima en Berry van Berkum speelde adequaat een kistorgel.

Het meisjeskoor was nauwelijks hoorbaar en het was jammer dat er geen jongenskoor was. Jongens hebben de kracht en de helderheid om te stralen in de hoogste regionen. Een meisjeskoor is bij de muziek van Bach qua klank en uitstraling een vergissing.
Een compliment voor dirigent Frank Deiman. Met rustige gebaren en weinig ophef weet hij alles in goede banen te leiden. Zonder specifiek gebruik van de Barokke uitvoeringspraktijk musiceert hij fijn met het beschikbare materiaal.

Een verzorgd programmaboekje met afbeeldingen van Rembrandt maakte dit Passie-concert tot een evenwichtige uitvoering en daarop mag Euterpe best trots zijn.

Wim Riefel

Deventer Dagblad 25-03-2002