2002 Händel

Messiah

Georg Friedrich Händel

zaterdag 7 december 2002


Inleiding

Händels oratorium Messiah

De naam Messiah betekent 'Gezalfde' en is afkomstig van het Hebreeuwse woord Masjiach. Het wachten op de komst van de Messias is tot op heden een belangrijk onderdeel van de Joodse religie.
De tekst van Händels oratorium is volledig ontleend aan de bijbel, zowel aan het Oude als aan het Nieuwe Testament (de Profeten, de Psalmen en de Evangeliën). Wie de teksten bij elkaar gezocht heeft, is onduidelijk. Men noemt Charles Jennens, maar het is zeer denkbaar dat Händel zelf een groot aandeel heeft gehad in de keuze van de teksten. De volgorde van de teksten in met name deel I correspondeert met de lezingen van de Anglicaanse liturgie in de adventstijd.

De Messiah heeft drie delen. De Ouverture bestaat uit een langzame, majestueuze inleiding en een snelle fuga. De komst van de Messias wordt aangekondigd en de geboorte bezongen in verschillende aria's en koren. Een en ander culmineert in het koor Glory to God. Het tweede deel handelt niet alleen over het lijden en sterven van de Heiland, maar ook over zijn opstanding en de verkondiging van het evangelie, met als grootse afsluiting het bekende Hallelujahkoor. Het derde deel maakt de luisteraar deelgenoot van de overwinning op lijden en sterven van de hele mensheid (bijv. in de aria 'I know that my Redeemer liveth') en op het Laatste Oordeel ('The trumpet shall sound'). Een groots opgezet 'Amen' bevestigt en besluit dit oratorium, dat Händel zelf 'Sacred Oratorio' noemde.

Händel componeerde de Messiah in het najaar van 1741, in 22 dagen. Een half jaar later was hij op bezoek in Ierland, waar op 13 april 1742 in Dublin de eerste uitvoering van de Messiah plaatsvond ter gelegenheid van een liefdadigheidsconcert in de Music Hall. Het oratorium sloeg in als een bom! De eerste uitvoering in Engeland vond pas een jaar later plaats en werd niet zo enthousiast ontvangen. Wel gebeurde het toen dat bij de inzet van het koor 'Hallelujah' koning George II van zijn plaats opstond en de lofzang staande aanhoorde. Het publiek volgde zijn voorbeeld en nog steeds is het in Engeland traditie dat het publiek voor het zingen van het 'Hallelujah' opstaat. Tijdens Händels leven werd de Messiah in totaal 56 keer uitgevoerd.

Händels oratorium beïnvloedde onder andere Joseph Haydn, die Die Schöpfung en Die Jahreszeiten componeerde, nadat hij de Messiah had gehoord. Mozart bewerkte de Messiah in 1790; hij componeerde er middenstemmen bij en bewerkte de trompetpartijen. Sinds 1960 wordt de originele versie weer uitgevoerd. Het is niet bekend wanneer de eerste uitvoering van de Messiah in Nederland plaatsvond. Wel is bekend dat het oratorium tot ±1950 in het Duits werd gezongen.


Componist

Georg Friedrich Händel


Uitvoerenden

Claudia Patacca, sopraan was ziek, zij werd vervangen door Hieke Meppelink

Margriet van Reisen, alt
Joost van der Linden, tenor

Math Dirks, bas

Ensembl' Esprit Zwolle

Frank Deiman, dirigent


Locatie en aanvangstijd

Grote of Lebuïnuskerk
zaterdag 7 december 2002
Aanvang 20.00 uur

Recensies en brieven

Warmte Euterpe nodig in kille kerk

door René de Cocq

9 december 2002 - 'Messiah' van Händel door Deventer Toonkunstkoor "Euterpe" o.l.v. Frank Deiman met solisten en Ensembl'Esprit. Gehoord: 7/12 Lebuïnuskerk Deventer.

Natuurlijk is 'Messiah' een van de meest geliefde oratoria in de muziekgeschiedenis, en het is al even natuurlijk dat een béétje (oratorium)koor het graag eens wil uitvoeren. Maar met al dat enthousiasme en al die inzet lopen veel amateurkoren toch al snel aan tegen de voetangels en klemmen die Georg Friedrich Händel zo rijkelijk op hun weg heeft gezet.

Acrobatisch

Het werk bevat tal van koorpartijen die niet alleen zijn opgezet in de fugavorm (al lastig genoeg), maar bovendien zijn volgezet met coloratuurpassages: veel nootjes in acrobatisch snelle loopjes die hoge eisen stellen aan de zangtechniek en de koordiscipline. Ook Euterpe liet zaterdag horen hoe moeilijk die coloraturen hier en daar zijn: dan werd het koorgeluid wat rafelig en kwamen de verschillende stemgroepen vooral nog tot een min of meer geslaagde gezamenlijke afloop dank zij de beheerste dwang die uitgaat van de slagtechniek van dirigent Frank Deiman.

Op zichzelf is een ontsporinkje hier of daar natuurlijk geen ramp en al helemaal geen schande, maar Händel geeft in zijn Messiah het koor maar bitter weinig kans op revanche. Tegenover al die veeleisende nootjes staan maar heel weinig passages waarin de zangvereniging kan laten horen dat ze ook nog een mooi warm koorgeluid kan produceren. Op die, gerekend op de 2,5 uur speelduur van het werk, al te spaarzame momenten bewees Euterpe dat wel in huis te hebben.

Misschien ligt de grote kracht van Messiah wel minder in de koorpartijen dan in de soms sublieme aria's die Händel heeft nagelaten. Die vragen om grote draagkracht van de uitvoerende solisten, en Euterpe had zaterdag een aardig gelukkige hand. Vooral invalster-sopraan Hieke Meppelink maakte een geweldige indruk met glasheldere intonatie en dictie, en een gedreven projectie van haar stem in de bepaald niet gemakkelijke ruimte die de Lebuïnus nu eenmaal is.

De alt Margriet van Reisen heeft een mooie stem maar miste wat overtuigingskracht, zeker in het laag; zeker de beroemde aria O thou that tellest good tidings leed daaronder. Tenor Joost van der Linden en bas Math Dirks toonden zich betrouwbare en geloofwaardige vertolkers.

Winterjas

Dat er van het koorgeluid van Euterpe wat warmte afstraalde was zaterdag geen overbodige luxe in de kille grote kerk, waar het publiek in grote meerderheid de winterjas maar aanhield. Voor koor, orkest en solisten was dat vanzelfsprekend geen optie; des te meer bewondering verdient de voelbare inzet waarmee deze uitvoering werd neergezet.

Deventer Dagblad, 9 december 2002